De eerste jaren (1995-1999)
Het was 23 oktober 1995 toen Marijke Zaalberg (1947), opgeleid tot kleuterleidster, voor het eerst voet zette op Haïtiaanse bodem. Haar kinderen waren uitgevlogen en Marijke besloot dat het tijd werd om te gaan doen wat ze altijd al wilde doen: kinderen helpen op een plek waar hulp echt nodig is. Ze ging voor de organisatie ‘Nos Petits Frères et Soeurs’ aan de slag als family correspondent bij een weeshuis in Kenscoff en een kinderhospice in Pétionville. Na een uitstapje naar Guatemala, waar ze een nieuw weeshuis hielp opzetten, kwam ze in februari 1997 terug in Haïti om hoofd te worden van het babyhuis van het weeshuis NPFS in Kenscoff. In de zomer 1998 ging ze terug naar Nederland om even afstand te nemen, bij te komen van alles wat ze had meegemaakt en na te denken over de volgende stap. Want dat ze terug wilde naar Haïti om onderwijs te gaan geven en kinderen op te vangen die hulp nodig hadden wist ze zeker. Op een ochtend werd ze wakker en wist wat haar te doen stond: een eigen schooltje beginnen in Haïti. Ze kocht een ticket en schreef familie en vrienden aan om een startkapitaal bijeen te vergaren.
Op 29 december 1998 werd Stichting Naar School in Haïti in Nederland opgericht. Op 10 januari 1999 kwam Marijke, met 7000 gulden op zak, wederom aan in Haïti en sindsdien is ze er gebleven. Ze huurde een huis in Kenscoff om er 11 kinderen op te vangen. Een jaar later kregen er ook 22 ondervoede kinderen uit de buurt te eten en was er in het huis een heus kleuterschooltje ontstaan, waar kinderen onder andere leerden kleuren en tellen met
kroonkurkjes. Het werd tijd om een groter huis met ruimte voor een school te betrekken. In 2000 was de school uitgegroeid tot drie klassen: twee kleuterklassen en een klas lagere school: een groep in de morgen en een groep in de middag. Dagelijks meldden zich nieuwe kinderen aan, maar het vinden van geschikt en betrouwbaar personeel werd steeds lastiger. Marijke besloot zich vanaf toen, ook vanwege haar achtergrond, uitsluitend nog te gaan richten op het geven van onderwijs.
Onderwijs in de bergen
In Nederland werden allerlei fondswervingsacties gestart en Marijke ging op zoek naar andere plekken waar ze les kon geven; ver weg, in de bergen in, waar nog geen scholen waren en onderwijs het hardst nodig was. Zo verbleef ze onder andere tijdelijk in een houten kerkgebouwtje in Kablain, dat doordeweeks toch leeg stond, en werd een kleuterschool gebouwd bij een nationale school in Furcy.
Overal waar ze kwam tijdens haar zoektocht in de bergen boven Kenscoff naar geschikte plekken of een stuk grond om een eigen school te bouwen sprak Marijke met kinderen en vroeg ze of ze al naar school gingen en vertelde ze van haar schooltjes.
Bouw van een eigen school
Na een zoektocht van jaren en dankzij een gift van € 10.000,- van een bedrijf kon Stichting Naar School in H
aïti op 10 december 2006 een eigen stuk berg kopen en werden er plannen gemaakt voor de bouw van een school. Door al haar zoektochten en opgedane ervaringen in Haïti had Marijke al jaren precies voor ogen hoe haar school eruit zou moeten zien en aan wat voor eisen het gebouw moest voldoen. Zo wist ze dat het gebouw aardbevingsbestendig gebouwd moest worden en dat er een eigen watervoorziening moest komen. Al in januari 2007 werd er met de werkzaamheden begonnen en iedereen hielp mee, ook de huidige schooldirecteur Kempès, die al sinds zijn 24ste voor Marijke werkte en via de stichting had kunnen studeren. De bouw was een enorme klus. Alles moest met de hand worden uitgehakt en alle materialen moesten zonder machines van de weg naar de bouwplek worden gesjouwd. Marijke reisde drie keer per jaar naar Nederland om familie te bezoeken en geld in te zamelen voor de bouw van de school en was, als ze in Haïti was, drukdoende om de scholen in Kenscoff, Furcy en Kablain goed te laten draaien. Nog in 2007 waren de eerste lokalen klaar en in het najaar van 2011 was de school zover uitgebreid, met bovenop de school een woonruimte voor Marijke, een vrijwilligersverblijf en een kinderopvanghuis, dat de huur van het huis in Kenscoff kon worden opgezegd.
Groeien en professionaliseren
In de jaren daarna werd er verder in het gebouw geïnvesteerd. Inmiddels staat er in Kablain een hoofdgebouw met zestien leslokalen, een auditorium, een groot schoolplein met trap, een schoolkeuken, kantine, diverse kantoren voor de administratie en ruimtes voor de schoolverpleegkundige, muziek
onderwijs en de schoolbibliotheek. Aan de andere kant van de weg is er de schoolmoestuin en de kleuterschool in vier grote houten lokalen. In 2024 is er naast de houten lokalen ook een schoolbakkerij gebouwd. Verder heeft de school een eigen water- en elektriciteitsvoorziening.
Tot 2020 (voordat corona uitbrak) kregen 600 tot 800 kinderen jaarlijks onderwijs. Tijdens de coronacrisis werden de klassen noodgedwongen kleiner. Om goed onderwijs te kunnen blijven garanderen voor de toekomst volgen er momenteel jaarlijks 250 tot 300 kinderen onderwijs; van de eerste klas kleuterschool tot en met de derde klas middelbare school. Daarnaast krijgen de kinderen iedere schooldag een warme maaltijd en sinds 2025 (ook) een schoolontbijt.
Een nieuwe uitdaging: het bendegeweld
Tot en met oktober 2020 verbleef Marijke Zaalberg gemiddeld negen maanden per jaar in Haïti. Rond die tijd zorgde het oprukkende bendegeweld ervoor dat de situatie in het land steeds gevaarlijker werd. Marijke keerde terug naar Nederland.
Vanuit Nederland is zij tot op de dag van vandaag nauw betrokken bij de school. Vrijwel dagelijks heeft zij contact met schooldirecteur Kempès en zijn team in Haïti.
Daarmee is een nieuwe fase aangebroken: het schoolteam leert gaandeweg steeds zelfstandiger te werken. Tegelijkertijd stelt het aanhoudende bendegeweld en de verslechterende maatschappelijke en politieke situatie de school voor steeds nieuwe uitdagingen.
In maart 2025 bereikte het bendegeweld tot ieders verdriet ook de bergen van Kablain. Het schoolteam, de leerlingen en hun families, en veel bewoners uit de omgeving sloegen op de vlucht naar gebieden ten noorden van Kenscoff. Op de verschillende plekken waar leerlingen en hun families hun toevlucht hadden gezocht, werd het onderwijs voortgezet…: in kerkjes, klaslokalen van andere scholen en huizen waar leerkrachten verbleven. Zo konden de gevluchte kinderen naar school blijven gaan en het schooljaar toch worden afgerond.
Sindsdien lukt het, ondanks alle moeilijke omstandigheden en met steun vanuit Nederland en van Marijke, om het onderwijs zo goed mogelijk voort te zetten.
Tijdens de eerste helft van het schooljaar 2025-2026 werd lesgegeven vanuit Centre Éducatif de la Fraternité in Pétionville. In de tweede helft van dat schooljaar kon de school gebruik maken van het schoolgebouw van Centre Éducatif Dieudonné Bernard in Montagne Noire (Pétionville).
Hoe is het nu?
Vanaf augustus 2026 is er een gebouw gehuurd in Morne Hercule (Pétionville). Dit gebouw biedt aanzienlijk betere mogelijkheden dan de eerdere tijdelijke locaties. Met een keuken, opslagruimte, speelplaats en voldoende ruimte voor alle klassen hopen we weer rust en stabiliteit te creëren voor het team en de leerlingen. Ook activiteiten zoals muziek, theater, dans en de schoolkantine kunnen daar geleidelijk worden hervat.
Wij hopen dat de situatie in Haïti de komende jaren zal verbeteren, zodat het hele team en alle kinderen kunnen terugkeren naar ons eigen gebouw in Kablain.
Onkosten van Marijke in Haïti worden vergoed. Marijke ontvangt geen salaris of andere vergoedingen.
